De heenreis

Op vakantie gaan brengt dit jaar extra uitdagingen met zich mee. Nederland kleurde in drie weken van groen naar donkerrood en verschillende landen veranderden hun inreisvoorwaarden mee. Die voorwaarden kunnen vooral lastig zijn als je - net als wij - nét niet volledig gevaccineerd bent. In Duitsland moet je (op het moment van dit schrijven) zelfs eerst tien dagen in quarantaine voor je aan je vakantie kunt beginnen. In de weken voor vertrek checkten we dagelijks of we nog welkom waren in België, Luxemburg, Frankrijk en Spanje, want dat waren de grenzen die we moesten passeren. We begonnen elke zin over de vakantie met ‘áls we kunnen gaan, dan…’, alsof we er zelf niet helemaal in geloofden.

Het werd zondag en het zag ernaar uit dat het toch kon. Áls we niet negatief zouden testen op de verplichte antigeentest voor Frankrijk en Spanje. En áls we binnen 48 uur in Spanje zouden zijn. We vertrokken zonder de uitslag van de test af te wachten, met het risico dat als een van ons een positieve test zou hebben, we weer met onze keurig ingepakte koffers terug naar huis moesten rijden. Op de A2 voorbij Vianen stelden we onze route bij, omdat de snelweg tussen Maastricht en Luik was afgesloten vanwege de hevige overstromingen in dat gebied. We passeerden Leersum, waar een paar weken geleden een tornado alle bomen uit de grond had gerukt en beseften dat we er met zijn allen compleet anders voorstaan dan twee jaar geleden.

Gelukkig was er ook goed nieuws, want nog voor we het land uit waren, pingden onze telefoons onze negatieve testresultaten door. De vakantie kon doorgaan! Maar het duurde nog tot het hotel in Beaune voordat we beseften dat het écht zo was. Toen de ober in het Frans aan ons vroeg wat we wilden eten, kickte het pas echt in: we zijn in het buitenland en we hebben vakantie! Mijn schouders ontspanden zich onmiddellijk en de kaakklem die ik cadeau had gekregen van wekenlang achter mijn laptop zitten werd op slag minder.

De eerste rijdag tot aan Beaune was prima verlopen. Het was veel rustiger dan verwacht bij Antwerpen en Brussel en tot aan Luxemburg hielden we ons voornamelijk bezig met Flitsmeister om de tien minuten gelijk geven: ‘Wegdek in slechte staat. Klopt dit?’ ‘Ja!’ riepen we dan, terwijl we het Belgische Verkeerscentrum van superwaardevolle feedback voorzagen. Daar doen ze al tientallen jaren niets mee, maar wie weet zijn de Belgische wegen op een dag helemaal strak. Waarschijnlijk als er vliegende auto’s zijn.

Op de laadplaatsen voor Tesla’s klusterden Teslarijders zich samen rond heilige energiebronnen die de reis mogelijk maakten. Leuk hieraan is dat die laadplaatsen op allerlei onverwachte plekken staan. De ene keer lunchten we aan een idyllisch zijriviertje van de Rhône tijdens het opladen, dan weer stonden we naast een mega oulet shopping centre waar je nog niet dood gevonden wil worden. Maar toch fijner dan de overvolle parkeerplaatsen met vermoeide toeristen in korte broeken, die zich wakker proberen te houden met de zoveelste kop automaatkoffie.

Op de Autoroute du Soleil op de tweede dag werd het een stuk drukker. Het was maandag, dus de vrachtwagens waren weer alomtegenwoordig. Imposante opleggers vol boomstammen hielden kruipend langs collega-vrachtwagens de tweede baan bezet. Tel daar de Franse neiging bij op om bij elk wissewasje op de rem te trappen en je hebt een prachtig harmonica-effect. Maar in de auto speelde R.E.M. Man on the moon en de buien van de dag ervoor hadden plaatsgemaakt voor de zon. Ook het landschap was veranderd: cipressen en ceders riepen vanuit de berm dat we in Het Zuiden waren. De heuvels werden steeds hoger en onze opwinding groeide mee. Toen de Pyreneeën in beeld kwamen hingen we kwijlend tegen de voorruit (vooral ik, ook al zat ik achterin).

De zon was achter de bergen gezakt en straalde een warm licht over de met cactussen en olijfbomen begroeide uitlopers van de Pyreneeën. Dit waren de laatste, beruchte twintig kilometers naar Cadaqués, slingerend door Nationaal Park Cap de Creus. Af en toe zagen we de Middellandse Zee opdoemen na de zoveelste haarspeldbocht. En toen we de kam over waren, eindelijk, de witte huisjes van Cadaqués in de diepte. Na al die jaren voelt het steeds meer als thuiskomen. Daar op ‘onze’ kaap met het fantastische uitzicht over ‘onze’ zee.

De heenreis was een puzzel, omgeven van onzekerheden. Maar in de uitvoer viel alles heel erg mee. We zijn nergens gecontroleerd en Spanje is inmiddels van code oranje naar code geel gegaan. We zijn op onze bestemming. En stiekem vragen we ons af waarom we over twee weken in vredesnaam naar huis zouden gaan.